KVB2 › Meteorologie
Schaal van Beaufort
Windkrachten 0–12, zeegang en praktische grenzen.
De schaal van Beaufort koppelt windkracht aan zichtbare effecten op zee en land — zo kun je de wind inschatten zonder anemometer.
Oorsprong — meting zonder instrumenten
Admiraal Francis Beaufort ontwikkelde in 1805 een schaal om windkracht te classificeren op basis van de werking van de wind op een volledig takelaad fregat. Later werd de schaal aangepast voor gebruik op het open water en land.
De schaal loopt van 0 (windstil) tot 12 (orkaan). Voor de pleziervaart zijn krachten 4 t/m 7 de dagelijkse werkelijkheid; kracht 8 en hoger zijn gevaarlijk voor kleine schepen.
De volledige schaal 0-12
| Bft | Naam | km/u | Knopen | Wat zie je op water |
|---|---|---|---|---|
| 0 | Windstil | <1 | <1 | Spiegelglad |
| 1 | Zwakke wind | 1–5 | 1–3 | Kleine rimpels zonder schuimkoppen |
| 2 | Zwakke wind | 6–11 | 4–6 | Kleine golfjes, gladde koppen |
| 3 | Matige wind | 12–19 | 7–10 | Kleine golven, af en toe schuimkoppen |
| 4 | Matige wind | 20–28 | 11–16 | Kleine golven, regelmatig schuimkoppen |
| 5 | Frisse bries | 29–38 | 17–21 | Matige golven, veel schuimkoppen, spraai |
| 6 | Stijve bries | 39–49 | 22–27 | Grotere golven, overal schuimkoppen, spraai |
| 7 | Harde wind | 50–61 | 28–33 | Zee rijst op, schuimstrepen in windrichting |
| 8 | Stormachtig | 62–74 | 34–40 | Duidelijk hoge golven, waaiend schuim |
| 9 | Storm | 75–88 | 41–47 | Hoge golven, dichte schuimstrepen, overslag |
| 10 | Zware storm | 89–102 | 48–55 | Zeer hoge golven, zeeoppervlak wit |
| 11 | Zeer zware storm | 103–117 | 56–63 | Uitzonderlijk hoge golven, extreem slecht zicht |
| 12 | Orkaan | >117 | >63 | Zee volkomen wit van schuim en spraai |
Grenzen voor pleziervaart
Als vuistregels gelden voor kleine open schepen en kajuitjachten:
- Bft 4 — aangenaam zeilen, motorsloepen prima
- Bft 5 — koud en nat worden, reefpunt overweeg je
- Bft 6 — voor een open boot al onaangenaam; kajuitjacht prima maar reefje in
- Bft 7 — voor ervaren zeilers met goed uitgerust schip; open boten blijven aan wal
- Bft 8+ — lig in de haven tenzij je specifiek bent uitgerust en ervaren
Op binnenwateren (IJsselmeer, Waddenzee) zijn de golven steiler en korter dan op de oceaan — bij dezelfde windkracht is het ruwer dan op de Noordzee.
Maak deze fout niet
de Beaufort-grenzen zien als harde regels. Een goed uitgerust zeiljacht kan Bft 8 aan, terwijl een licht motorbootje al bij Bft 5 problemen heeft. Beoordeel altijd: schip, bemanning, vaargebied en windrichting.
Windvlagen — gemiddelde versus piek
Weersberichten geven de gemiddelde windsnelheid over 10 minuten. De werkelijke windpiek (windvlaag of gust) kan 1,5× de gemiddelde snelheid zijn.
- Gemiddelde Bft 6 → windvlagen kunnen Bft 7–8 bereiken
- Bij een koufront zijn windsprongen abrupt en krachtig
Op het water: reageer op de windvlaag die je voelt, niet op het gerapporteerde gemiddelde.
Wind inschatten zonder anemometer
Gebruik de zichtbare effecten:
- Land: bladeren in beweging (Bft 3), vlaggen gestrekt (Bft 5), takken breken (Bft 8)
- Water: schuimkoppen zichtbaar = Bft 3 of meer; langdurige schuimstrepen = Bft 7 of meer
- Eigen schip: een fok die bijna plat staat en moeilijk te trimmen is = teken dat het tijd is voor een reef
Maak deze fout niet
de windkracht op het water inschatten vanuit een gebouwde omgeving aan wal. Op het water (open veld-effect) is de wind vaak 1–2 Bft sterker dan in de beschutte stad. Ga naar de kade om te beoordelen.
Examen-tips
- Leer de Beaufort-waarden in knopen — het examen gebruikt nautische eenheden
- Onthoud de "markante" krachten: 0 spiegelglad, 6 schuimkoppen overal, 8 stormachtig, 12 orkaan
- Het omrekenen: 1 knoop ≈ 1,852 km/u (afgerond: knopen × 2 ≈ km/u voor snel schatten)
- Bij de vraag "bij welke windkracht mag een klein schip niet varen?" is er geen wettelijke grens in het BPR — de schipper is zelf verantwoordelijk
Bronnen
Gebaseerd op de WMO Beaufort-windschaal en ANWB KVB2-cursusmateriaal over meteorologie en windkracht voor pleziervaart.
Oefen 1 vraag over Schaal van Beaufort
Test wat je net hebt gelezen.